Fenomenologisch waarnemen en time lapses 

Vanuit de onbevangenheid is het belangrijk vooral beelden te vormen. Een beeld is als een foto; nog belangrijker echter is de film. Een film kunnen afdraaien als een serie tekeningetjes levert enorm veel informatie op. Het beroemdste voorbeeld is natuurlijk het zaadje dat madeliefje wordt, verwelkt en zijn toekomstig leven in de vorm van zaad aan de aarde afstaat. Uit zo’n beeld leidt de antroposofie beweringen af: In het zaad is de vorm van hetgeen gaat ontstaan ondergebracht en wie ingewijd is, ziet de krachtvorm van het madeliefje aan het zaad. De proef is inwijding, het bewijs is dat een ingewijde dat daadwerkelijk kan zien en het resultaat van deze feitelijkheid gaat vele kant op. Zo is in het Grieks het woord “η ΑρχĪ®” zowel het begin, als de heerschappij. Dat lijkt merkwaardig, maar inderdaad, de potentie in het begin van het zaadje heerst over de in de tijd gezette ontwikkeling van het madeliefje. Dat geldt bijv. ook in de embryologie …..

Beelden dus die de ontwikkeling en het vergaan van fenomenen versneld in de tijd zetten: de film. Filosofisch praten we dan over een fenomenologische benadering. De fenomenoloog zelf deed dat door soms dagenlang een proces te bestuderen. Daar hebben we tegenwoordig weinig tijd voor en dus kunnen we dit soort technieken gebruiken om toch een overzicht te krijgen van bijv. de vormwisselingen tijdens de vervelling van een pop. Het zichtbare proces in de tijd levert een beeld, van waaruit geredeneerd kan worden. Dat gaat dan het beste als je probeert sommige onderdelen na te tekenen. Je komt er dan achter, dat overgangen van de ene vorm naar de andere een specifieke betekenis hebben.

Onder de vraag naar time lapses (tijdsprongen) kun je op Google prachtige voorbeelden vinden van bijv. het proces van zaad naar bloem, van pop naar insect, van bevruchte eicel naar mens. Het voordeel van al deze filmpjes is, dat je ze op een gewenst moment kan stopzetten. Uiteraard vervangt deze twee dimensionale werkelijkheid nooit de feitelijke werkelijkheid, maar het helpt enorm bij het opbouwen van beeldvormen, imaginaties. En het geesteswetenschappelijke denken dient naar imaginaties geleid worden. 

Dit is één van de manieren om geesteswetenschap, gewone wetenschap en Christendom tot een hechte, inzichtelijke, esoterische levensbeschouwing bij elkaar te brengen. Dat vormt de grondslag voor de nieuwe normen en waarden die nodig zijn voor een positief voortschrijdende mensheidsontwikkeling.